Punt Video-2: Was de video van de vermeende AA 77 kapers op het vliegveld
Punt Video-2: authentiek? Analyse van de officiële 9/11 bewijsvideos

<< Vorig Punt

Inleiding
Behalve het gemelde beeld van een beveiligingscamera van Mohamed Atta en Abdul al-Omari op het vliegveld van Portland (Maine), dat werd vrijgegeven aan de pers kort na 11 september (zie Punt Video-1), was het enige fotografische bewijs dat één van de kapers laat zien, naar verluidt gemaakt op Dulles International Airport in Washington DC – van waar American Airlines 77 vertrok – en werd door de Associated Press verstrekt de dag voor Het Eindverslag Commissie 11 September uitkwam in juli 2004.

Deze video, die werd onderschreven door de Commissie 11 September, kan – samen met de videobeelden van Atta en al-Omari, die werden onderschreven door de FBI zowel als de Commissie 11 September – beschouwd worden als het officiële fotografische bewijs dat leden van al-Qaeda bezig waren aan boord te gaan van de vliegtuigen van 11 september.

De officiële lezing

Om 8:20 uur op 11 september 2001 steeg American Airlines Vlucht 77 op van Dulles International Airport met bestemming Los Angeles. De vlucht werd toen gekaapt door vijf leden van al-Qaeda, die het lieten neerstorten op het Pentagon om 9:37:46 uur. [1] Een gesloten circuit televisiecamera, zoals de Commissie 11 September meldde, [2] nam beelden van deze vijf kapers – Hani Hanjour, Nawaf al-Hazmi, Salem al-Hazmi, Khalid al-Mihdhar en Majed Moqed – terwijl zij door het veiligheidscontrolepunt op de luchthaven Dulles gingen voor ze aan boord gingen van AA vlucht 77. [3]

Het beste bewijs

Drie soorten bewijs suggereren sterk dat de vermeende videobeelden van de vijf mannen, [4] waarvan beweerd wordt dat ze al-Qaeda kapers waren, niet authentiek zijn.
Allereerst, er waren meer dan 300 beveiligingscamera’s op de luchthaven Dulles op 11 september 2001, [5] die hun beelden gedurende 30 dagen bewaren, en deze werden uitputtend onderzocht door informatiesysteemtechnici en gecontroleerd door federale agenten. [6] De overheid van de V.S. heeft geen enkel beeld met tijdcodering of enig beeld van deze 300 beveiligingscamera’s vrijgegeven.

Ten tweede, geen veronderstelde beelden van de vermeende kapers van AA 77 werden vrijgegeven tot de dag voor Het Eindverslag Commissie 11 September werd gepubliceerd (in juli 2004), toen de Associated Press een video openbaar maakte die verondersteld wordt de vijf vermelde kapers laat zien, terwijl ze door het Dulles veiligheidscontrolepunt gaan.

Er waren ernstige problemen met de authenticiteit van deze video.

  • Hoewel de Commissie 11 September meldde dat de (vermeende) kapers al-Mihdhar en Moqed het Dulles veiligheidscontrolepunt passeerden en geregistreerd werden op het gesloten televisie systeem (CCTV) om 7:18 uur en dat Hani Hanjour geregistreerd werd op dezelfde CCTV om 7:35 AM, [7] hebben 2 onderzoekers aangegeven dan “een normale veiligheidsvideo tijd en datum ingebrand heeft volgens een gecertificeerd patroon, samen met de cameraidentificatie en de locatie van de betreffende camera. De video vrijgegeven in 2004 bevatte deze data niet.” [8]
  • Een analyse van een grote wetenschappelijk uitgever bevestigt dat, alhoewel een kenmerk is van beveiligingsvideo’s dat ze deze informatie vastleggen, noch datum, tijd, noch cameranummer aanwezig was. [9]
  • Terwijl de meeste 24 uurs bewakingscamera’s tijdinterval fotografie gebruiken met intervallen van 1 seconde (om de opslagbeperkingen voor gegevens tegemoet te komen), was de video van al-Mihdhar en Moqed opgenomen met 30 beelden per seconde (30fps), de opnamestandaard in videocamera’s voor consumenten (ofwel vele malen de normale snelheid van beveiligingscamera’s) wat suggereert dat de video niet was gemaakt door een beveiligingscamera van het vliegveld Dulles.

Deze verdenking wordt tevens gesteund door het feit dat de video, in plaats van te worden vrijgegeven door de FBI, aan Associated Press werd gegeven door een advocatenkantoor dat “families van slachtoffers vertegenwoordigt die de vliegtuigmaatschappijen en de beveiligingsindustrie een proces aandeden wegens het falen de terroristische aanval af te wenden”, [10] en als zodanig dus niet kunnen worden aangemerkt als belangeloos.

Conclusie van de eerste twee soorten bewijs

De video van het vliegveld Dulles – die nooit officieel is vrijgegeven en slechts een paar mensen laat zien die een ongeïdentificeerd veiligheidscontrolepunt op een onbekende tijd laat zien – bevat geen informatie om deze beelden aan AA 77 te verbinden.

Het derde type bewijs is dat er geen positieve identificatie was van de vermeende kapers door personeel van het vliegveld Dulles.

  • Het Eindverslag Commissie 11 September verklaart dat de (vermeende) kapers van Vlucht AA 77 waren geselecteerd door het automatische CAPPS (Computer Assisted Passenger Prescreening System[11] voor een vervolgcontrole. (“Hani Hanjour, Khalid al-Mihdhar en Majed Moqed werden opgemerkt door CAPPS. De broers al-Hazmi werden geselecteerd voor extra controle door de vertegenwoordiger klantenservice van de luchtvaartmaatschappij bij de check-in balie. Hij deed dit omdat één van de broers geen fotoidentificatie had of geen Engels begreep.” [12]) Echter:
    1. Geen van de veiligheidscontroleurs getuigde zich te hebben herinnerd welke van de kapers dan ook door de veiligheidscontrole voor vlucht AA 11 te hebben zien gaan [13] en
    2. De check-in medewerkers hebben in hun FBI interviews niets gezegd over CAPPS selecties – hetgeen gebeurtenissen zijn die men zich herinnert –:
      • Volgens een recent beschikbaar FBI interview (26 september 2001) met check-in medewerker van Dulles Allex Vaughn, die de al-Hazmi broers had behandeld, vermeldt Vaughn niet dat zij waren geselecteerd door het CAPPS voor vervolgcontrole. [14]
      • CAPPS wordt niet genoemd in het FBI interview van 12 september 2001 met een man in opleiding (naam verwijderd in het FBI rapport) die op dat moment met Vaughn samenwerkte. [15]
      • De heer Vaughn zei dat men hem een beveiligingsvideo had laten zien van de camera dichtbij, nummer 31, die vermeend de al-Hazmi broers laat zien, maar de beelden zijn nooit vrijgegeven. [16]
  • Het Eindverslag Commissie 11 September verklaart dat Hani Hanjour en de al-Hazmi broers plaatsen hadden in de eerste klas. [17] Baliemedewerker Brenda Brown, die de eerste klas passagiers van vlucht AA 77 incheckte die morgen, was geïnterviewd door de FBI op 17 september 2001 en herinnerde zich duidelijk enkel passagiers in te checken op een “lichte reisdag”, maar ze kon zich geen Arabische mannen herinneren. [18]

Conclusie

Volgens de Commissie 11 September was er fotografisch bewijs van de vijf (vermeende) kapers van AA 77 terwijl zij door het veiligheidscontrolepunt op het vliegveld van Dulles Internationaal gingen. Echter:

  • Deze bewering wordt niet gesteund door positieve identificatie van deze mannen door personeel van het vliegveld Dulles.
  • De claim van de commissie dat een beveiligingscamera beelden van de mannen vastlegde wordt ondermijnd door vier feiten:
    • Hoewel het internationale vliegveld Dulles meer dan 300 beveiligingscamera’s heeft, heeft de FBI beelden van geen enkele van deze vrijgegeven.
    • Het enige videobeeld dat de kapers zegt te tonen is geleverd door een advocatenkantoor dat de families van de slachtoffers vertegenwoordigt die van plan zijn de luchtvaartmaatschappijen en de beveiligingsindustrie een proces aan te doen, en waarvan aangenomen kan worden dat zij niet belangeloos zijn.
    • De ongemerkte beelden van deze video leveren niet het soort informatie die normaal gesproken op beveiligingsvideo’s aanwezig is.
    • De video was met grotere snelheid opgenomen dan de normale snelheid van beveiligingscamera’s.

Er is, daarom, geen geloofwaardig fotografisch bewijs (of van een getuige) dat welke van de vermeende kapers van 11 september dan ook zich klaarmaakten aan boord te gaan van AA 77, die verondersteld wordt te zijn neergestort op het Pentagon.

<< Vorig Punt

Referenties bij Punt Video-2
Het Eindverslag Commissie 11 September (2004), blz. 8-9 (pdf: 25-26)
Zie Het Eindverslag Commissie 11 September, 2-4; ook 452, nrs 11,14,15 en de Associated Press, 22 juli 2004. De beveiligingsvideo van het controlepunt is nooit door de overheid openbaar gemaakt, maar is naar verluidt in 2004 openbaar gemaakt door een advocatenkantoor dat de families van slachtoffers vertegenwoordigt, en is nu beschikbaar op YouTube.
Volgens het bovengenoemde verhaal van Associated Press over de openbaarmaking van de video van Dulles, toonde de video slechts vier, niet vijf, van de vermeende kapers. (Nick Grimm, “Commission Report Finalised as 9/11 Airport Video Released”, ABC Radio [Australia], 22 juli 2004.)
David Brent, een ingenieur van IT systemen, heeft verklaard: “In 2001 werkte ik voor een fabrikant die destijds zijn CCTV systeem op het vliegveld van Washington, Dulles en in het Pentagon had. Na de aanslagen van 11 september was ik lid van een team dat de arbeidsintensieve taak had alle beelden van het vliegveld te bekijken terwijl verscheidene federale agenten over onze schouders meekeken. Heeft u opgemerkt dat ik alle beelden zei? Dat is elk beeld van meer dan 300 camera’s met 30 dagen geheugen tijd. De taak besloeg drie weken met dagen van 15 uur.” David Brent. “The CSI Effect: How TV is Changing Video Surveillance”, Security InfoWatch, 15 februari 2011.
Het Eindverslag Commissie 11 September, blz. 452 (pdf: 469), aantekening 11.
Rowland Morgan and Ian Henshall, “9/11 Revealed: The Unanswered Questions” (Carroll & Graf, 2006), 118.
Jay Kolar, “What We Now Know about the Alleged 9-11 Hijackers”, in Paul Zarembka, ed., The Hidden History of 9-11, vernieuwde en gewijzigde tweede editie (New York: Seven Stories, 2008), 3-44.
Het Eindverslag Commissie 11 September, blz. 451 (pdf: 468), aant. 2.
Ibid., blz. 3 (20).
FBI, “T7 B17Screeners 9-11 and Check-In Fdr- FBI 302s- Screener and Check-In Interviews”, Allex Vaughn Interview, 26 september 2001.
Ibid., Man in opleiding Interview (naam verwijderd), 12 september 2001.
Ibid., Allex Vaughn Interview, September 26, 2001.
FBI, “T7 B17 Screeners 9-11 and Check-In Fdr- FBI 302s- Screener and Check-In Interviews”, Brenda Brown Interview, 17 september 2001.

 

Comments are closed.